Matroos
Als matroos ondersteun je je leidinggevende (schipper of kapitein) bij allerlei werkzaamheden. Je woont en werkt op het schip, samen met je collega's. Dus je moet het ook goed kunnen vinden met anderen. Je voert allerlei werkzaamheden uit. Je bepaalt waar de reis naar toe gaat en hoe je daar op de snelste en goedkoopste manier komt. Op de plaats van bestemming sta je voor op het schip om te helpen bij het afmeren. Je bent de oren en de ogen van de schipper als je een sluis of brug passeert. Je helpt bij het laden en lossen en het schoonhouden van het schip. Ook onderhoud je het schip en voert kleine reparaties uit.
Waar werk je?
Je werkt aan boord van een schip of een werktuig op het water. Een schip ligt niet altijd stil, dus je ziet wat van Nederland en de rest van Europa. Er zijn verschillende soorten schepen. Ze vervoeren bijvoorbeeld zand of grind (bulkvaart), containers, passagiers, ijzererts of vloeistoffen (tankvaart). Wat je ook om je heen ziet, het kan vervoerd zijn met een schip.
Wat moet je kunnen?
Je moet goed kunnen samenwerken met je collega's en met de schipper of kapitein. Je moet kunnen zien hoe het schip reageert als de schipper vaart of als je aan het laden bent. Veiligheid voorop! Als er een calamiteit ontstaat moet je actie ondernemen of zelfs de schipper vervangen als het moet! Varen gebeurt dag en nacht, dus je moet ook onregelmatig kunnen werken. Niet gehecht zijn aan je bedje als het drie uur 's nachts is.
- Hier moet je goed in zijn
-
-
Conclusies trekken en oplossingen verzinnen
Voor een werkstuk weet je precies welke informatie je wel of niet moet gebruiken.
-
Luisteren
Als je met vrienden hebt afgesproken, vraag je iedereen waar hij of zij zin in heeft, voordat jullie beslissen wat jullie gaan doen.
-
Beslissen en aan iets nieuws beginnen
Als een docent je een nieuwe opdracht geeft, bedenk je gelijk wanneer, hoe en met wie je het gaat doen.
-
Ondernemend zijn
Je regelt een sponsor die de shirts van je volleybalteam betaalt.
-
Leidinggeven
Als er een strafcorner genomen moet worden door jouw voetbalteam, bepaal jij wie waar staat en wie de bal speelt.
-
Omgaan met stress
Als je veel proefwerken in dezelfde week hebt, word je niet zenuwachtig, maar begin je gewoon met leren.
-
Vrienden maken
Op je nieuwe sportclub, maak je snel nieuwe vrienden.
-
Anderen helpen bij hun werk
Als je broertje wiskunde moeilijk vindt, dan help je hem en leg je uit hoe het moet.
-
Overtuigen
Als jij met een paar vrienden een kado wilt kopen voor een jarige, dan geef je duidelijk aan wat jij wilt kopen en waarom, en vinden je vrienden dat een goed idee.
-
Eerlijk en respectvol zijn
Bij alle lessen op school gedraag je je goed, ben je beleefd tegen de docent en doe je wat je gevraagd wordt.
-
Plannen en Regelen
Voordat het nieuwe schooljaar begint, heb jij je boeken keurig gekaft en alle spullen voor het nieuwe jaar klaarliggen.
-
Met geld omgaan
Om de nieuwe Wii te kunnen kopen, neem je de tijd om ervoor te sparen of zoek je een baantje.
-
Creatief zijn
Om de schoolreis naar Frankrijk te kunnen betalen, bedenk je allerlei slimme manieren om geld te verdienen.
-
Verslag uitbrengen
Je haalt goede cijfers op spreekbeurten, verslagen en brieven.
-
Doorzetten
Als je met muziek een nieuw instrument leert bespelen, en het lukt niet meteen zoals je wilt, dan geef je niet op, maar doe je extra hard je best om er beter in te worden.
-
Conclusies trekken en oplossingen verzinnen
- Meer weten?
- Wikilogistiek
- Bron informatie:
- VTL



